Jan Vermeer is een van de vrijwilligers van de uilenwerkgroep in onder andere Vught en Cromvoirt en laat een jonge kerkuil zien.
Jan Vermeer is een van de vrijwilligers van de uilenwerkgroep in onder andere Vught en Cromvoirt en laat een jonge kerkuil zien. (Foto: Lisette Broess-Croonen)

Op pad voor de uil

CROMVOIRT - Zoals de meeste vogels, hebben ook de uilen in Brabant inmiddels hun eieren gelegd en uitgebroed. Tijd voor de uilenwerkgroep Vught om de jaarlijkse controle van de nestkasten uit te voeren.

Door Lisette Broess-Croonen

Sietske van Maren is de coördinator van uilenwerkgroep in Cromvoirt, Vught, Esch en een deel van Haaren. "Eind vorige eeuw ging het slecht met de uilen in Nederland. Dat kwam voor een groot deel door het gebruik van DDT. De muizen kregen het gif binnen via de gewassen en de uilen aten de vergiftigde muizen. Op dit moment is het grootste probleem dat er steeds minder natuurlijke nestgelegenheden zijn. Uilen zitten graag in oude schuurtjes en panden, maar deze worden tegenwoordig afgebroken of opgeknapt. Om dit gebrek aan nestplaatsen te compenseren, hangen de uilenwerkgroepen nestkasten op. Het initiatief hiervoor kwam ruim vijftien jaar geleden van het Brabants Landschap, dat de kasten levert en het werk coördineert. En het heeft succes, want sinds ons werk is de uilenstand hard gegroeid."

Olievlek
Sietske, haar partner Jan Vermeer en Wout van Mensvoort gaan in de periode dat de eieren uit zijn gekomen, op pad om te kijken welke kasten bewoond worden. "We hebben in ons gebied kasten voor kerkuilen en voor steenuilen. Vanuit de eerste kast werken we in steeds grotere cirkels naar de buitenkant, dat noemen we de olievlekmethode, die vooral voor de steenuil geldt. We geven de uilen zo de kans om zelf een goede plek te kiezen."

Vijfling
De eerste kast die dit jaar gecontroleerd wordt, is een steenuilenkast. Wanneer Jan de kast opent, doet hij hem meteen weer dicht. "Er liggen nog eieren in. Een uil met eieren kan stoppen met broeden en moet met rust gelaten worden. Wanneer de kuikens al uitgekomen zijn, zal de uil zijn nest niet meer in de steek laten." De tweede kast die onderzocht wordt, is voor de kerkuil. Jan komt met goed nieuws de trap af. "Vijf kuikens! Wat een ontzettend goed nieuws! Deze kast hangt hier al enkele jaren en dit is de eerste keer dat hij gebruikt wordt. Je kan goed zien dat de kuikens van de kerkuil niet tegelijk uitkomen. Het ene kuiken is duidelijk groter dan het andere."

Ook de volgende kast, van de steenuil dit keer, bevat goed nieuws. "Ook hier zitten vijf kuikens in. Deze zijn wel allemaal even groot, want de kuikens van de steenuil komen wel tegelijk uit. Dit is goed nieuws voor de uilen hier. Het belooft sowieso een goed jaar te worden, want er zijn veel muizen dit jaar."

Natuurhart
Het is duidelijk dat de vrijwilligers zelf veel plezier hebben in hun werk. "Van jongs af aan hebben wij allemaal al een natuurhart. De uil is ook echt een mooie en mysterieuze vogel." Wanneer de broedtijd voorbij is, worden de kasten meestal nog een laatste keer nagekeken om te kijken of alle kuikens uitgevlogen zijn. "In het najaar maken we de kasten schoon en leggen er een laagje beukensnippers in. Ook hangen we nieuwe kasten op zodat de uilen in het voorjaar weer een goede nestplaats kunnen zoeken."

Natuurlijk Vught
De uilenwerkgroep Vught is een onderdeel van Natuurlijk Vught. Dat is een samenwerkingsverband tussen vijf Vughtse natuurorganisaties. De uilenwerkgroep bestaat uit ongeveer vijftien vrijwilligers die verdeeld over vier groepjes te werk gaan. Zij controleren de kasten wanneer er gebroed wordt, maken de kasten schoon, vervangen oude kasten en hangen op nieuwe locaties weer nieuwe kasten op. Voor meer informatie is er de website nmvught.nl.

Meer berichten