Selma van der Perre en Joke Former, beide verzetsvrouwen in de oorlog, waren beide aanwezig om de officiële opening te verrichten.
Selma van der Perre en Joke Former, beide verzetsvrouwen in de oorlog, waren beide aanwezig om de officiële opening te verrichten. (Foto: Lisette Broess-Croonen)

Verzetsheldinnen openen expositie over moedige vrouwen bij Kamp Vught

VUGHT - Terwijl het Jaar van Verzet net officieel is afgelopen, werd in Nationaal Monument Kamp Vught de expositie 'Palet van Verzet' geopend. Een expositie over moedige vrouwen in de tijd van de Tweede Wereldoorlog en in de tijd van nu. De officiële opening werd verricht door twee verzetshelden uit de oorlog, Joke Folmer en Selma van der Perre.

Door Lisette Broess-Croonen

Selma van der Perre is een Joodse vrouw die onderdook en met een vervalst persoonsbewijs als Marga in het verzet terecht kwam. Ze verspreidde illegale kranten, valse persoonsbewijzen en distributiebonnen. Uiteindelijk werd ze voor het verzetswerk opgepakt en kwam ze in Kamp Vught en later Ravensbrück terecht.

De tegenwoordig in Londen woonachtige Van der Perre is inmiddels zesennegentig jaar, maar reist nog steeds de wereld rond om haar verhaal te vertellen. "In het begin vond ik het heel moeilijk om in de kampen terug te keren. De eerste keer kon ik een week niet slapen en liepen de tranen steeds over mijn wangen. Nu doe ik het al twintig jaar en het gaat beter. Ik vertel mijn verhaal vooral aan Nederlandse Pabo-studenten en Duitse studenten. Het is heel erg nodig om de wereld in detail te laten weten wat er gebeurd is. In Engeland wisten ze bijvoorbeeld niet van het bestaan van Kamp Ravenbrück. De jongeren met wie ik spreek zijn zeer geïnteresseerd en zitten vol vragen. Ik hoop dat mijn verhaal indruk maakt en dat ze weten dat er geen derde wereldoorlog mag komen."

Verstoppen
Terugkijkend op haar verblijf in de kampen, was Vught een sanatorium vergeleken met Ravensbrück. "Het was een verschil van één tot tien. Ik heb hier ook maar kort gezeten. Het ergste was de dag voor de transporten, toen veel mannen werden doodgeschoten. Ik was stomverbaasd toen ik in Vught aankwam. Ik moest de vloer van het schooltje dweilen waar op dat moment mannen de muren aan het schilderen waren. Daar was niet eens een opzichter bij! Op de dag van het transport probeerde ik me te verstoppen door onder een matras te kruipen. Dat was mijn geluk, want hoewel ik ontdekt werd kwam ik als één van de laatsten in een wagon terecht. In deze wagon zat ook het keukenpersoneel. Er was redelijk veel ruimte en er was eten. In de andere wagons hadden ze het veel slechter."

Eigen naam
Na de bevrijding van kamp Ravensbrück kwam Van der Perre in Zweden terecht. "Onze namen werden naar Engeland doorgestuurd en daar werkte mijn broer bij de militaire regering. Hij stuurde mij een telegram en toen kwam iedereen er ook pas achter dat ik Selma heette en geen Marga. Ze hebben nooit geweten dat ik Joods was, anders had ik hier nu niet gezeten. Ik had mijn eigen identiteit helemaal weggestopt. Zelfs mijn vriendinnen in de oorlog wisten niet dat ik Joodse was. Zij waren stomverbaasd toen ze er na de bevrijding achter kwamen en sommigen hebben me nog maanden Marga genoemd. Ik was zelf ook nog steeds een beetje bang om mijn eigen naam te gebruiken."

'Ik was te veel'
Op 5 mei vierden de Nederlanders feest in Zweden. "Nederland was bevrijd en we kregen oranje koeken en oranje limonade van de Zweden. Uiteindelijk kwam ik weer terug in Nederland. Het was op zich een feestelijke tijd, maar ik had in dat land geen naaste familie meer. Ik mis mijn overleden familieleden nog iedere dag. Dat gemis gaat pas weg als je zelf dood bent. Ik verbleef eerst bij een vriendin, maar die konden zich eigenlijk geen extra persoon in huis veroorloven. Daardoor voelde ik me bezwaard, evenals bij een ander adres waar ik later verbleef. Ik had het gevoel dat ik te veel was in Nederland."

Eenzaam
Haar broers woonden in Engeland en één van hen kwam op bezoek in Nederland. "We wilden uit eten gaan, maar in het restaurant was bijna niets. Ze hadden alleen duifjes maar die waren zo droog dat ze niet te eten waren. Vanuit het buitenland hadden we niet veel van de hongerwinter meegekregen. Uiteindelijk ben ik naar Engeland gegaan, maar ook daar voelde ik me alleen. Mijn broers hadden hun eigen leven. Iedereen was er wel heel aardig voor me, maar ik voelde me er niet goed. Alles uit de oorlog kwam in die periode ook weer terug.

Van der Perre kreeg een baan in Londen waarbij ze dossiers voor officieren moest bijhouden. "Tot ik erachter kwam dat het om soldaten ging die naar Indië werden gezonden. Ik was erop tegen dat we een land binnenvielen dus ik ging op zoek naar een andere baan. Ik kwam terecht bij de BBC waar ik mijn man ontmoette." Vanuit Londen gaat ze nog meerdere keren per jaar op pad om haar verhaal te vertellen. "Mensen moeten toleranter voor elkaar zijn, maar ze moeten ook hun hersenen gebruiken. Denk goed na voor je achter iemand aanloopt en zijn voorbeeld volgt."

Meer berichten








Nieuwste reacties